Ga naar de startpagina
Bosgroep Noord-Oost Nederland
terug
foto lariks droogte robbin met jaartallen

Tijdens een recente houtmeetkundige inventarisatie stuitte bosbeheerder Robbin bij een aanwasboring in een Japanse lariks op duidelijke tekenen van droogtestress. De droge zomers van 2018 en 2019 hadden voor een flinke afname in de groei van de boom gezorgd. Daarna was wel weer wat herstel zichtbaar, maar de lange termijngevolgen van de groeiproblemen door de droge periodes zijn nog onduidelijk.

Houtmeetkundige inventarisatie

Bosgroep Noord-Oost Nederland voert voor gemeente Ommen een houtmeetkundige inventarisatie uit in alle gemeentelijke bossen. Daarbij worden de staande houtvoorraad, soortensamenstelling, menging, kwaliteit en bijgroei van het bos vastgelegd. Door dit periodiek te doen, normaal gesproken eens per 10 jaar, houdt de boseigenaar zicht op de ontwikkeling van het bos. Ook kun je met de verkregen data het gevoerde beheer evalueren, en helpen de resultaten van de inventarisatie bij het maken van beheerkeuzes in de nabije toekomst.

Het meten van de dikte van de stam, in dit geval een Douglas; onderdeel van de houtmeetkundige inventarisatie. (Foto: Marjolein den Hartog)
Het meten van de dikte van de stam, in dit geval een Douglas; onderdeel van de houtmeetkundige inventarisatie. (Foto: Marjolein den Hartog)

Jaarringen vertellen verhalen

We weten dat je de leeftijd van een boom kunt aflezen aan de hand van het aantal jaarringen. En dat je aan de dikte van jaarringen kunt zien hoe goed een boom groeide en groeit. Met aanwasboringen, onderdeel van een houtmeetkundige inventarisatie, neem je kleine monsters van de jaarringen van bomen. Elke jaarring vertegenwoordigt een jaar van de groei van de boom. Door de breedte van deze jaarringen te meten, kun je informatie verkrijgen over de groeisnelheid van de boom gedurende verschillende periodes. Toen bosbeheerder Robbin Klein Gunnewiek een aanwasboring deed in een Japanse lariks in het bos bij Ommen zag hij opvallende verschillen tussen de jaarringen. “De foto laat zien dat deze lariks enorm veel last heeft gehad van de droogte van 2018 en 2019," vertelt Robbin. “De jaarringen worden steeds dunner. De laatste jaren lijkt de groei weer iets hersteld, en zijn de ringen weer wat dikker, maar het is nog niet zoals voorheen. De lange termijn moet uitwijzen of er structurele schade is ontstaan aan deze en andere bomen.“

Niet alle bomen hebben last van droogte

Hadden andere boomsoorten ook zichtbaar last van de droogte in 2018 en 2019? Robbin: “Wij hebben uiteraard ook andere soorten geboord. Wat opviel: Corsicaanse den heeft geen zichtbare stress ondervonden van de droogte en lijkt zich daarmee niet veel aan te trekken van de droogte. Loofbomen als zomereik, Amerikaanse eik, ruwe berk en tamme kastanje toonden in beperkte mate groeivermindering. In deze bossen was dat echt heel minimaal. Bij de grove den en Douglas waren de droge jaren soms wat terug te zien, maar het viel mee. Zeker niet alle bomen hadden dus zichtbaar last van droogtestress.

Verschillende factoren van invloed op groei boom

“De dikte van de jaarringen, en dus de groei van de boom, wordt trouwens beïnvloed door verschillende factoren: groeiruimte, bodemsamenstelling en -vochtigheid, neerslag, temperatuur, zonlicht, de algehele gezondheid van de boom,” vult Robbin aan. “Maar bij deze specifieke lariks kon je aan de jaarringen wel zien dat het om een hele specifieke periode van een aantal jaren ging waarin de groei beperkt was. En dat waren niet toevallig zeer droge jaren.”

Een aanwasboring in een grove den, Veluwe 2020. De ringen ogen hier gelijkmatig van dikte.
Een aanwasboring in een grove den, Veluwe 2020. De ringen ogen hier gelijkmatig van dikte.

Droogteschade in het bos

Afgelopen winter was bijzonder nat, maar in 2018, delen van 2019 en 2020 en in heel 2022 was het erg droog in Nederland. In de toekomst krijgen we mogelijk vaker te maken met droge zomers, want de kans op droogte neemt door klimaatverandering toe.
De afgelopen jaren zagen we al vaker sterfte van soorten als fijnspar en lariks. Afnemende vitaliteit door droogte, vaak gevolgd door keveraantasting, wat de finale klap gaf. “Vooral op regenwater gevoede zandgronden, waar het extra droog is bij ontbreken van neerslag, zijn soms volledige bospercelen doodgegaan,” vervolgt Robbin. “Je ziet nog af en toe stukken met bruine fijnspar her en der in de Nederlandse bossen. Die zijn zichtbaar aangetast. Maar met de boringen zien we dus ook vertraagde groei bij bomen. Helaas valt er weinig te doen tegen de droge zomers en de droogteschade die daarmee gemoeid is. Uiteindelijk is het aan de beheerder om verstandige keuzes te maken, onder andere over de toekomstige boomsoortensamenstelling van het bos.”

Bos van de toekomst

Robbin: “We moeten afwachten hoe de droogtegevoelige bomen zich houden de komende jaren. Sommige soorten hebben het steeds moeilijker op Nederlandse bodem. We kijken waar mogelijk hoe we de hydrologie van de bosbodem kunnen verbeteren. Maar ook bijvoorbeeld waar we andere soorten bomen kunnen aanplanten of bijplanten. Soorten die beter gedijen op de veelal arme, droge zandgronden van Nederland. Daar waar grootschalige sterfte is, bijvoorbeeld in monoculturen fijnspar of lariks, is het goede nieuws dat dit weer kansen biedt om deze eentonige stukken bos versneld om te vormen naar meer gemengde bossen. Dat biedt voordelen voor de biodiversiteit, de veerkracht en de belevenis van het bos.”

Hoofdfoto: De jaarringen in de lariks gemarkeerd: zichtbaar is dat de ringen vanaf 2018 significant dunner zijn. Daarna trekt het weer iets bij, maar blijven de ringen smal ten opzichte van de ringen tot 2018.

Dit artikel is ook verschenen op het natuurnieuwsplatform Nature Today.