Meerjarig plan voor beheer open ruimten De Hoge Veluwe

16 juni 2015

De Bosgroepen hebben voor Het Nationale Park De Hoge Veluwe een meerjarig beheerplan opgesteld. In dit plan staat beschreven welke maatregelen in het Het Nationale Park de Hoge Veluwe de komende 6 jaar (2015 – 2020) gewenst zijn om de open ruimten ecologisch optimaal te ontwikkelen. Op dit moment werken we hard aan concrete werkplannen per jaar en maken we een begin met verbindingen tussen heidegebieden.

Natuurdoelen effectief gebundeld

Het meerjarige beheerplan brengt voor de komende jaren structuur aan in de uit te voeren maatregelen. Het beheer wordt afgestemd op de ambities van het Nationale Park De Hoge Veluwe. Die ambities zijn vertaald in de doelen uit Natura 2000 en het Gelders Natuurnetwerk (GNN), maar hebben ook te maken met soorten die zijn aangewezen als vlaggenschipsoort voor het park, zoals Grote Parelmoervlinder, Aardbeivlinder en Valkruid. De Bosgroepen hebben al deze (meerjarige) doelen en de bijbehorende maatregelen in kaart gebracht. Voor de uitvoering zijn drie deelgebieden onderscheiden. Jaarlijks wordt in één deelgebied gewerkt, waardoor er in een groot deel van Het Nationale Park De Hoge Veluwe rust is voor flora en fauna, maar ook voor recreanten. Een uitdrukkelijke wens van het park gaat daarmee in vervulling.

 

De heide weer verbonden

De extreme verzuring in de afgelopen decennia heeft geleid tot verlies van mineralen en bufferend vermogen van de bodem, met als gevolg verlies van biodiversiteit voor zowel flora als fauna. Het Nationale Park De Hoge Veluwe wil het verlies aan biodiversiteit aanpakken door landschapsherstel op het niveau van het droge en natte zandlandschap. Dit houdt in dat er gewerkt wordt aan heideverbindingen en aan bodemherstel met behulp van steenmeel.

In de komende twee jaar gaan de Bosgroepen aan de slag om verschillende heideterreinen binnen het park beter met elkaar te verbinden. In totaal komen er drie nieuwe verbindingen. Die verhogen de overlevingskans voor bijzondere planten en dieren, doordat er een groter en meer aaneengesloten heidegebied ontstaat. Verbinding De Plijmen zal zich ontwikkelen tot stuifzandheide en is van belang voor soorten als Kommavlinder, Blauwvleugelsprinkhaan, Boszandloopkever en verschillende bijzondere korstmossen. De Plijmen wordt ook geschikt broedbiotoop voor de Nachtzwaluw en foerageergebied voor soorten als Groene specht en Wespendief. In de kleinere verbindingen Het Zinkgat en Deelen kunnen heide op dekzand en heischraal grasland zich ontwikkelen. Op termijn biedt dat ruimte voor bijvoorbeeld het Hondsviooltje, maar wellicht ook voor zeer zeldzame soorten als Grote- en Kleine wolfsklauw, Kleine schorseneer en Valkruid. Daarnaast zullen insecten als Veldkrekel, Aardbeivlinder en Grote parelmoervlinder hiervan profiteren.

In het najaar zal in de nieuwe heideverbindingen ook worden begonnen met bodemherstel. Dit gebeurt door het opbrengen van steenmeel, een relatief nieuwe methode. In een volgende nieuwsbrief leest u meer over de werking van steenmeel.

labels: , , ,

gerelateerd