Kansen voor bosuitbreiding bij particuliere eigenaren, maar onder randvoorwaarden

11 november 2020

Twee derde van de particuliere terreineigenaren staat welwillend tegenover enige vorm van bosuitbreiding op eigen terrein, maar alleen wanneer de randvoorwaarden op orde zijn. Dit blijkt uit de inventarisatie voor bosuitbreiding bij particuliere terreineigenaren, uitgevoerd door de Bosgroepen samen met FPG.  Aanleiding voor deze inventarisatie waren de in februari 2020 gepubliceerde ambities en doelen voor de landelijke bossenstrategie. Hierbij stelt het kabinet zich een uitbreiding van het Nederlandse bosareaal met 10%, of omgerekend 37.000 hectare, tot doel.

QuickScan voor bosuitbreiding binnen natuurnetwerk

Voor de inventarisatie van de mogelijkheden voor bosuitbreiding binnen het Natuurnetwerk is allereerst een QuickScan uitgevoerd. Hierbij is een ecologische scan gemaakt aan de hand van de subsidiepakketten in het kader van de Subsidieregeling Natuur en Landschap. Hierbij is in het bijzonder ook  gekeken naar de percelen N12.02 grasland. Met het oog op de gevolgen voor de biodiversiteit zijn dit, naar inschatting van de Bosgroepen, de enige percelen waarvoor bosaanplant geschikt zou zijn. Uit de QuickScan blijkt dat er bij particulieren sprake is van  ongeveer 2.500 hectare van zulke in potentie geschikte N12.02-graslanden.

Wensen van de eigenaar belangrijker dan theoretische potentie

Die theoretische ruimte voor nieuw bos is alleen interessant wanneer de eigenaar interesse heeft in feitelijke bosaanplant. De financiële- en beleidsmatige randvoorwaarden moeten ook kloppen. Daarom hebben zijn we in gesprek gegaan met particuliere terreineigenaren. Uit deze gesprekken komt een mooi beeld naar voren van interesse in bosuitbreiding, maar belangrijker nog, ook wat ervoor nodig is om dit te realiseren.

Serieuze interesse voor bosaanplant

Uit de gesprekken die we voerden blijkt dat een derde van onze leden natuurterreineigenaren interesse heeft in omvorming naar nieuw bos. Daarnaast geeft een derde aan een voorkeur te hebben voor de aanplant van landschapselementen, de revitalisering van bestaand bos, of het omvormen van naald- naar loofbos. De overige derde geeft aan geen interesse te hebben.

Randvoorwaarden bepalend

In onze gesprekken werd duidelijk dat voor vrijwel allen de realisatie afhangt van de voorwaarden.

Financiële duidelijkheid onmisbaar

Zo blijkt dat vooral het ontbreken van zicht op financiële middelen op dit moment nog weinig stimulerend werkt. Veel eigenaren hebben de indruk dat de kosten van bebossing ernstig worden onderschat, terwijl de baten juist worden overschat. Een financiële vergoeding – en in het bijzonder een vergoeding voor de afwaardering van de grond tegen marktprijs – wordt het meest genoemd als randvoorwaarde. Vooral daar waar bosaanleg plaats moet hebben op landbouwgrond, is dit cruciaal. Deze grond zorgt nu immers jaarlijks voor pachtinkomsten. Voor de particulieren moet het beheer van het nieuwe bos voor langere tijd geregeld zijn.

Pachtsituatie en landschappelijke waarde vormen belemmering

Daarnaast geven eigenaren aan dat er ook een aantal belemmeringen zijn die bosaanplant in de weg staan. Zo is een open landschap vaak een waardevol ruimtelijk gegeven; daar is aanplant van bos per definitie ongewenst. Daarnaast geeft bijna 35% van de ondervraagden aan dat reguliere pachtovereenkomsten maken dat eigenaren niet vrij over de grond kunnen beschikken. Tenslotte ziet een groot deel van de eigenaren dat bestaande regelgeving vaak in de weg staat. Denk hierbij bijvoorbeeld aan beperkte provinciale ruimte voor nieuwe landgoederen en rood voor groen regelingen.

U kunt de inventarisatie hier downloaden.

 

labels: , , ,

gerelateerd