Het bos in met: Henk Ruseler

19 september 2019

In deze rubriek gaan we het bos of veld in met een lid of medewerker van de Bosgroepen. Aan de hand van vijf vragen leren we meer over een specifiek project of landgoed. Afgelopen juni opende Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander het nieuwe publieksgebouw van Het Nationale Park De Hoge Veluwe. Het park is een van de eerste nationale parken van Nederland, en lid van de Bosgroepen. Boswachter voorlichting en educatie Henk Ruseler kent het gebied op zijn duimpje en woont en werkt al bijna 40 jaar in Het Nationale Park De Hoge Veluwe. We spraken hem bij het nieuwe Park Paviljoen en op zijn favoriete plekken in het park.

Wat maakt Het Nationale Park De Hoge Veluwe zo bijzonder?

Wat het park echt uniek maakt in Nederland is de volmaakte synergie tussen natuur en cultuur. De stichting beheert deze nalatenschap van het echtpaar Anton en Helene Kröller sinds 1935. En geheel vanuit het gedachtegoed van het echtpaar moet het landgoed toegankelijk zijn voor de gemeenschap. Omdat de Hoge Veluwe wordt beheerd in financiële onafhankelijkheid, betaal je bij ons entree. Dit betekent dat wij vanaf het begin voor goede publieksvoorzieningen hebben gezorgd. We waren de eerste met wildobservatieplaatsen, in 1975 kwamen de witte fietsen, we hebben ruim 40 kilometer goede fietspaden, en het park is rolstoeltoegankelijk. Het Nationale Park heeft een prachtige diversiteit aan bos, heide en stuifzand. Binnen de 5400 hectare is er een enorme verscheidenheid aan landschappen. Je bent zó in een totaal andere sfeer. Dat heeft me ook op het park gehouden, ik ben echt verliefd op het terrein, en ik ben niet de enige hier. Sinds april 1981 woon ik in het park, vlakbij het Kröller-Müller Museum. Ik ben er dus dag en nacht, dat is wel heel bijzonder. ‘s Nachts hoor je de uilen, en nu bijvoorbeeld hoor je veel burlende edelherten. Daarnaast hou ik zelf veel van kunst, dus dat mijn huis vlakbij het museum en de beeldentuin staat, is wel fijn.

Wat zijn je werkzaamheden als boswachter voorlichting en educatie?

Henk Ruseler voor het nieuwe Park Paviljoen

Sinds 2000 ben ik zelf niet meer actief betrokken bij het beheer, maar ik heb uiteraard nog wel grote interesse in alles wat er speelt. Ik heb 21 jaar voor de afdeling fauna binnen het park gewerkt, en ook de vrijwillige dennenscheerders aangestuurd. Nu zijn rondleidingen mijn ‘core business’, en de contacten met de media. Het nieuwe Park Paviljoen met winkel en restaurant kan nu veel meer gasten herbergen, en we hopen een nog diverser publiek te bereiken. Vroeger stond hier restaurant De Koperen Kop, waar ook een tijdlang de Rondhoutveiling is georganiseerd. Dat was een van de eerste parkpaviljoens. Bij de inrichting van het park (1935) is heel sterk gekeken naar het Yellow Stone National Park in de Verenigde Staten; een Nationaal Park met een centraal gelegen bezoekerscentrum en veel andere publieke voorzieningen zoals een kampeerterrein. Maar dan in het klein. In het najaar wordt het plein hier nog aangepakt, volgens plan van de landschapsarchitect. Dan volgen de monumentale ingangen, want deze zijn erg smal. Het Museonder en het oude bezoekerscentrum worden daarna nog omgebouwd tot één museum, met nieuwe tentoonstellingen over het ‘bovengrondse’ en ‘ondergrondse’ leven. Over alles wat er in en rond het park gebeurde en gaat gebeuren, geef ik voorlichting, met veel plezier!

Is de natuur in het park veel veranderd de afgelopen jaren?

Ik heb het bos wel rijker zien worden; in de beginjaren kwam ik onder de grove dennenbossen vooral naaldenstrooisel tegen. Ik heb de bochtige smele en later de bosbes onder deze bossen zien opkomen. Ook zie je nu een veel betere gelaagdheid van jonge bomen en struiken. Nu zie je weer veranderingen in het bos, maar dan helaas in negatieve zin. Ook in dit park hebben met name fijnspar en lariks, en bijvoorbeeld zomereik, last van de droogte. Hele percelen fijnspar zijn dood. Ook eiken en beuken hebben het slecht. Kijk maar eens naar de bladbedekking in de kronen. Het is overduidelijk dat het bosbeeld er over 10 – 15 jaar totaal anders uit gaat zien. Vorig jaar was natuurlijk een extreem jaar; ik had bijvoorbeeld de ‘IJzeren Man’, een groot ven op het Deelense veld, nog nooit eerder droog zien staan. We zijn al jaren bezig met natuurvolgend bosbeheer waarbij al een veel natuurlijker bos is ontstaan.

Wat doen jullie zoal samen met de Bosgroepen?

Het Deelense veld

Met de Bosgroepen hebben we de afgelopen jaren veel verschillende projecten uitgevoerd. Mijn collega’s Jakob Leidekker en Leontien Krul hebben de contacten met de Bosroepen rond de verschillende projecten. Zo werken we met de Bosgroepen, aan de hand van een meerjarenplan, aan herstel van landschap en bodem. Dan gaat het bijvoorbeeld om heideherstel en de realisatie van ecologische verbindingszones tussen de verschillende open ruimtes op het park. De bezoeker kan eerst wat schrikken van de werkzaamheden die gepaard gaan met de aanleg van deze ecologische verbindingszones, maar dat verandert snel. Het is een prachtige ingreep en heel belangrijk voor de fauna, vooral voor de kleine diertjes. Landschappelijk wordt het erg fraai. De Bosgroep heeft verder ook het het Werkplan Beheer Open Ruimte voor en met ons opgesteld. We hebben hier trouwens 300 actieve vrijwilligers op het park; natuurgidsen, mensen achter de balie, in het jachthuis bij de rondleidingen, medewerkers educatie, dennenscheerders die de heidevelden open houden en flora en faunawerkgroepen voor verschillende inventarisaties. We zijn een relatief kleine organisatie, qua oppervlakte en organisatie, en hebben niet alle expertise zelf in huis. Dus de kennis van de vrijwilligers van de flora en faunawerkgroepen, en de Bosgroepen, is heel fijn om erbij te hebben.

Wat is je favoriete plek in het park?

De bijzondere eik met meerdere stammen

Het Deelense veld is een groot gras-heidegebied van ongeveer 500 hectare met een enorme verscheidenheid. Veenmoerassen actief hoogveen, natuurlijke vennen, natte heide, droge heide, grote zandverstuivingen en stuifduinen. Alles kan hier pal naast elkaar liggen en dit geeft een enorme biodiversiteit. Je vindt er veel zeldzame planten en dieren zoals klokjesgentiaan en gentiaanblauwtje, moeraswolfsklauw, beenbreek, adders, zandhagedissen en bijzondere sprinkhanen. Het lijkt haast een savanne.
Daarnaast kom ik graag in een van de oudste stukken bos binnen het park, op Hoog Baarlo. Dit bos ligt op een uitloper van een stuwwal. Vroeger stonden hier boerenwoningen, bewoond door pachters. In de herfst en winter zijn de bomen helemaal bedekt met mos, een prachtig gezicht. Mijn favoriete boom, die ik ook altijd laat zien tijdens excursies, komt ogenschijnlijk als acht individuele bomen uit de grond maar is één eik! Ik organiseer al 17 jaar kindersafarikampen op het park, en dit is een favoriete plek om te bezoeken en te vertellen over het ontstaan en het beheer van het park.

Voor meer informatie over de natuur en het landschap, de geschiedenis en de kunst en architectuur op het Nationale Park De Hoge Veluwe, zie: https://www.hogeveluwe.nl/.

labels: , , , , , ,

gerelateerd