30 jaar Bosgroep Zuid Nederland: Van ‘vriendenclub’ vol passie naar bevlogen professionele natuurpartner

Publicatiedatum: 22 juni 2020

De Bosgroepen bestaan 30 jaar! Een jubileum waar we graag samen met u bij stilstaan. Ondanks dat we in dit jubileumjaar zo onverwachts geconfronteerd zijn met de uitbraak van Corona en we beseffen dat de impact hiervan enorm is… Maar misschien is het ook wel een mooie afleiding om even terug te blikken op die 30 jaar, waarin we samen met onze leden vol toewijding hebben gebouwd aan onze kennis, ervaring en een uitgebreid en divers netwerk van mensen, organisaties en natuurpartners. De gemeenschappelijke deler in dat netwerk is steeds weer dat we ‘allemaal iets hebben met de natuur’. Ieder met een eigen passie, overtuiging en ambitie. In 30 jaar ontstaan er mooie verhalen. De komende maanden delen we enkele daarvan graag met u.

In deze editie neemt Rob van der Burg, senior expertmedewerker ecologie, ons mee. Al ruim 27 jaar werkt hij bij Bosgroep Zuid Nederland. In 1993 begonnen, maakte hij de verandering mee van ‘vriendenclub vol passie’ naar de bevlogen en professionele natuurpartner die we nu zijn.

Van amateur naar professional

In het Elzenbroekbos komen Rob zijn drie passies voor het werk bijeen; bos, water en flora.

“Ons streven was vanaf het begin om een goede relatie op te bouwen met onze leden. Dat was en ís onze basis. Waren we in het begin een kleine groep bosbouwers/bosecologen die, achteraf gezien misschien ietwat amateuristisch, maar vol passie aan de slag ging. Inmiddels bestaat Bosgroep Zuid Nederland uit zo’n 47 bevlogen en kundige mensen, met veel ervaring en kennis. En alles en iedereen ontwikkelt mee met de projecten en het werk dat we realiseren. Wat opvalt is dat men ons het werk net als bij het begin graag gunt. Er is altijd weer een basis van vertrouwen, een gunfactor, zo je wilt. Daardoor kunnen we samen met onze leden verder bouwen. We beseften vanaf de start dat onze achterban ons bestaansrecht is. Vandaar dat onze leden het vertrekpunt zijn bij alles wat we doen”.

Destijds een primeur, nu onderdeel van ons dagelijks werk

Over de vraag welk project hem echt is bijgebleven moet Rob even denken. We hebben ook zoveel mooie projecten! Als eerste noemt hij de houtverkoop in Bergen op Zoom, ergens in 1994.
“Het was de eerste keer dat we het hout niet via houthandelaren gingen verkopen, maar direct aan de eindgebruiker. We hadden een afnemer die het hout wilde gebruiken voor telefoonpalen. We moesten alles regelen. Van de kap tot het aan de weg leggen en vervolgens ook het transport naar Frankrijk. Alle bomen moesten op de trein in Antwerpen. We zijn er drie maanden non-stop mee bezig geweest. Het was voor ons een primeur; een van die mijlpalen. Een project waarin we pionierden. Een flinke klus, maar het is gelukt en het vormde mede de brede basis voor de houtverkopen die we tegenwoordig organiseren”.

Ecologisch gezien heel interessant

Rob tijdens een excursie naar de Urkhovense Zeggen

Vanuit ecologisch oogpunt is het Kroonven in Bladel voor Rob een van die onvergetelijke projecten. “Het was in 1998 en het eerste venherstel dat we realiseerden. Een EGM-project dat door het Rijk werd gefinancierd. Tot dan toe hadden we nog weinig ervaring met natuurherstelprojecten. Het was eigenlijk helemaal nieuw. Een prachtige uitdaging, waar we ontzettend veel van hebben geleerd. Op tal van vlakken! Ik weet nog dat er drie jeneverbessen rondom het ven stonden, die we met rood witte linten hadden afgezet. Gemarkeerd, om ze te laten staan! En toch ging de aannemer er met de klepelmaaier overheen! Nog geen dag later werden we gebeld door de provincie… Over wat er precies mis was gegaan… Ook zoiets vergeet je niet meer! Maar tot op de dag van vandaag is dit een project waar we trots op zijn. Het ven heeft een prachtige ontwikkeling doorgemaakt. Door de jaren heen zijn we blijven voortborduren op de destijds ingeslagen weg en dat loont”.

Orchideeën in de Urkhovense Zeggen

“Nog zo’n bijzonder project is de Urkhovense Zegge. ‘Gewoon’, omdat het een van Brabants mooiste natuurgebieden is. Dat ik daar mag werken, is een cadeautje. Omdat we hier veel met systeemherstel bezig zijn, hebben we er iets heel moois en waardevols van kunnen maken. Iets wat vermoedelijk anders wellicht niet gebeurd was. We kozen er destijds voor dat alle sloten dicht moesten, terwijl er veel verschillende ideeën waren om ze open te houden. Wij kozen er echter bewust voor om ze te dempen en dat lijkt nu de beste keuze te zijn geweest voor dit gebied. Het project loopt sinds 2004 en het belangrijkste werk realiseerden we in 2008.

Dat waren het dichtmaken van de sloten en het afplaggen en afgraven van de graslanden. Nu zie je hier het meest bijzondere schraalgrasland met tal van orchideeën, zoals de rietorchis en de gevlekte orchis. We gingen van 1 hectare naar inmiddels 12 hectare schraal grasland. Via de monitoring zien we niet alleen nieuwe soorten opduiken, maar we zijn vooral ook trots op het feit dat we de bijzondere soorten die er thuishoren dankzij het gekozen beheer hebben kunnen behouden. En dat ze zich bovendien ook uitbreiden”.

Van systeemonderzoek naar systeemherstel

Vegetatieonderzoek in het veld vindt Rob toch wel het allermooiste. “Vooral in bossen en beekdalen en dan alles in samenhang bekijken. Het veldwerk brengt me in prachtige omgevingen en maakt het mogelijk om ook echt te zien wat er gebeurt. Zo kan ik de juiste verbanden leggen, zien hoe bepaalde dingen functioneren en wat er nodig is in een gebied”.

Draadgentiaan in Heijkersbroek

Voor Rob zijn de projecten waar je aan systeemherstel werkt en systeemonderzoek doet dan ook favoriet. “Het is zo belangrijk om op basis van een LESA (landschapsecologische systeemanalyse) te kijken naar hoe het systeem functioneert. Zo kun je vervolgens heel gericht en doeltreffend aan de slag met het benodigde herstel. Bij veel projecten die mogelijk worden gemaakt door de provincie kunnen we die aanpak uitvoeren. Denk aan de Natura 2000 projecten, waaronder het Beuven in Someren, waar we met Staatsbosbeheer en Waterschap De Dommel veel moois realiseren. En op de Malpie, waar we samenwerken met gemeente Valkenswaard en Natuurmonumenten, in het Dommeldal en aan het herstel van het Groot Malpieven. En ook gebieden als Wellenseind en Landgoed de Utrecht zijn goede voorbeelden”.

“In Limburg heb ik twee hele bijzondere herstelprojecten mogen begeleiden. Eén daarvan, het Heijkersbroek, was op het eerste gezicht een niet zo interessant populierenbos met vooral brandnetels. Maar toen vrijwilligers er een paar zeldzame plantjes op de oever van een poel ontdekten, werd alles anders! Door deze vondst zijn we zo’n 15 jaar geleden begonnen met onderzoek waarna herstelmaatregelen volgden.

In het gebied blijkt hele kalkrijke kwel aan de oppervlakte te komen, wat je kunt zien aan witte kalkkorsten op de grond. Hierdoor groeien er nu hele zeldzame planten waaronder de draadgentiaan, die nergens anders in Limburg gezien is! En dat geldt nog voor meer zeer zeldzame soorten. Een paar jaar geleden bezochten we het gebied met enkele beleidsmedewerkers natuur van de provincie Limburg. Prachtig om te zien hoe zij wild enthousiast werden van wat we hier ontwikkeld hebben”.

Herstelde bronnetjes in Schutterspark

Nog zo’n mooi gebied is het Schutterspark bij Brunssum wat bekend is om de hellingveentjes. “Toen de Bosgroep erbij gehaald werd, had een aannemer het gebied fors beschadigd. Hij had met grote machines diepe sporen gemaakt, waardoor bronwater veel te snel de helling afstroomde. We zijn toen heel snel aan de gang gegaan om het te herstellen. Daarnaast deden we onderzoek om te kijken hoe we het gebied beter kunnen beschermen en beheren. Dat heeft geresulteerd in een veelbelovende ontwikkeling van het gebied. Team Limburg is nu zelfs bezig om de hellingveentjes verder uit te breiden en met elkaar te verbinden”.

Van alles op stapel

“Ook op dit moment lopen er tal van waardevolle projecten in alle provincies. Zo zijn we voor de provincie Noord-Brabant onder andere bezig met een groot vennenproject. Daarbij staat het herstel van een groot aantal vennen centraal. 15 op dit moment en in totaal zo’n 55! De start van ieder project bestaat uit zorgvuldig vooronderzoek. Dat doen we samen met B-ware en Stichting Bargerveen. Vervolgens regelen we ook de uitvoering. Veel mensen denken bij venherstel vooral aan opschonen zodat er weer open water ontstaat. Maar dat is niet altijd goed voor een ven. Verlanding kan soms veel waardevoller zijn dan een uitgebaggerd ven. Daarom zijn vooronderzoeken waarin goede afwegingen gemaakt worden waar het ven het meest bij gebaat is, heel belangrijk. Behalve uitbaggeren, moet je vooral denken aan werkzaamheden als het verwijderen van bos dat door de jaren heen richting het ven is gegroeid. Maar ook het herstel van de hydrologie, bijvoorbeeld via het dempen van sloten in een groot gebied rondom de vennen. Het is belangrijk om het ven vrij te maken, zodat het behouden blijft en alle kansen krijgt om zich te ontwikkelen. Zo creëren we ook weer kansen voor bijzondere plant en diersoorten, zoals libellen, waterlobelia en salamanders.

Rob, waar hij zo graag is. In het veld.

We zijn ook druk met de Leembossen in het Groene Woud. Een Leefgebiedenproject dat we samen met Staatbosbeheer, Brabants Landschap en andere leden van de Bosgroep realiseren in samenwerking met provincie Noord-Brabant. Qua biodiversiteit gaat het hier om de belangrijkste bosgebieden in Brabant, omdat ze nat zijn en er veel kalk in de bodem zit. Door verdroging is er helaas al veel moois verloren gegaan. Dat willen we nu stoppen maar door de complexiteit van de gebieden en hoe de hydrologie in elkaar steekt, is dat nog een hele uitdaging. Dus dat is echt prachtig om te doen. Persoonlijk vind ik dit de meest waardevolle projecten. Je bent heel duurzaam bezig en iets aan het herstellen wat permanent is”.

Droogtebestrijding vraagt om urgentie

Het aanpassen van ons watersysteem op landschapsschaal, ziet Rob als een van de urgente opgaven waar we nu en in de toekomst met zijn allen voor staan. “Het is steeds harder nodig om de klimaatverandering op te vangen. We waren hier gelukkig al volop mee bezig, maar voor klimaatadaptatie is het meer dan ooit cruciaal. Vrijwel al onze leden hebben hiermee te maken.

Droogtebestrijding en het behoud en de ontwikkeling van de biodiversiteit zijn echt uitermate belangrijk in het bos- en natuurbeheer van nu en de toekomst. In het ecosysteem staat immers alles met elkaar in verbinding. Het een heeft het ander nodig. Dat vraagt om het creëren van de juiste balans, zodat het totale systeem zich kan handhaven en liefst verder kan ontwikkelen. Daar streven we naar; ook in deze veranderende wereld!