Het bos in met: Martijn Jansen

Publicatiedatum: 29 mei 2020

In deze rubriek gaan we het bos of veld in met een lid of medewerker van de Bosgroepen. Aan de hand van vijf vragen leren we meer over bijvoorbeeld een specifiek project, terrein of regio.
Martijn Jansen is ruim 11 jaar in dienst bij Bosgroep Noord-Oost Nederland. Het werk in de bossen is veranderd de afgelopen jaren; klimaatverandering, droogte, kevers, een veranderende houtmarkt, wet- en regelgeving en een mondige burger. Soms hoofdpijndossiers, veel vaker nog mooie uitdagingen. Een gesprek met Martijn, via de telefoon deze keer, in verband met de corona-maatregelen.

Wat doe je precies bij de Bosgroep?

Elf jaar geleden ben ik hier als projectmedewerker begonnen en ben daarna doorgegroeid naar de functie van regiobeheerder. Ik vertegenwoordig de regio Overijssel-West, oftewel Salland. De mooiste regio van Nederland!

Wat zijn de grootste veranderingen en uitdagingen geweest in de afgelopen jaren?

Wat het werkveld betreft, zijn er zeker de nodige veranderingen en uitdagingen.
We zijn natuurlijk steeds meer bezig met omvorming naar meer gemengd bos, en is er meer en meer aandacht voor vitalere bossen, hydrologie, klimaatbestendige boomsoorten, soorten met goed strooisel, biodiversiteit. De droogte heeft er echt wel ingehakt de afgelopen jaren. Fijnspar heeft erg te lijden onder droogte en kever, maar ook bijvoorbeeld Japanse lariks. Iedereen is daar erg mee bezig. Vorige week was ik nog uitgenodigd door RTL Nieuws om, samen met een aantal TBO’s en de WUR, ervaringen uit het veld te delen over de droogte en plagen. Waar bos gekapt moet worden, bijvoorbeeld door aantasting door letterzetter, daar moeten we snel werken aan een nieuwe generatie bos die klimaatbestendig is.

Verder merk ik dat het beheer meer gepaard gaat met vergunning- en ontheffingsaanvragen en communicatie met de buitenwereld. Iedere kapmelding of omgevingsvergunning moet uitgebreid toegelicht worden. Wet- en regelgeving wordt steeds belangrijker, niet alleen provincies maar ook gemeenten willen meekijken en meebeslissen. Ook als het gaat om particulier terrein. Wij zijn als Bosgroep gelukkig goed op de hoogte van de actuele wet- en regelgeving, en kunnen onze leden daarbij ondersteunen en ontzorgen. Bij elk beheer- of projectplan is een communicatie-paragaaf onmisbaar. Bij uitvoering van ingrijpende projecten gaat er steevast een communicatietraject aan vooraf. Mensen willen graag meepraten. En daar moeten we rekening mee houden.

Door het papierwerk zit ik voor mijn gevoel soms te veel achter de computer terwijl er buiten zoveel nuttigs te doen is; daar gebeurt het tenslotte. Gelukkig ben ik nog wel regelmatig buiten. Daarnaast hou ik veel binding met de praktijk door het aansturen van de beheerondersteuners en aannemers in het veld.

Wat vind je het leukste aan je werk?

De leukste dingen zijn toch wel het contact met de leden van de Bosgroep, de eigenaren en beheerders, en het bezig zijn met en in het bos. Werken aan een goed groeiend, stabiel, duurzaam en biodivers bos, dat in de toekomst ook nog eens kwalitatief hoogwaardig hout kan leveren.
Minder leuk zijn die ontheffingen en vergunningen, die veel tijd en geld kosten. Ik zou dat geld liever in het bos zelf, en in het beheer stoppen. Particuliere eigenaren zijn toch wel van plan om het bos goed over te dragen aan een volgende generatie. Die particuliere bossen zijn vaak al generaties lang in bezit en beheer van dezelfde familie, en de eigenaren zijn er trots op. Ik merk wel dat hun doelstelling echt is om een goed bos achter te laten. Om een mooi bos door te geven.

Kun je wat meer vertellen over de contacten met de leden?

Ledenexcursie landgoed De Groote Scheere (ASR Real Estate)

Die zijn goed, dat is het leukste van het werk, en daar haal ik energie uit. Het is altijd in beweging, ‘s ochtends op bezoek bij iemand voor natuurwaarden, dan bij een ander juist weer voor houtproductie. De ene eigenaar geeft je de vrije hand, terwijl de andere bij elke stap wil meekijken. Dat is dus constant schakelen en maakt processen dynamisch. Tussen belangen, tussen waarden, functies en de afwegingen op het financiële vlak. Mijn regio is ook heel divers, het gaat van rijke groeiplaatsen op kleigrond langs de IJssel, naar arme gronden in het Vechtdal, met stuifzandduinen en weinig begroeiing. Er is veel variatie, dat is heel leuk en boeiend. De leden met kleine terreinen zie ik meestal wat minder vaak dan de leden met grote terreinen, zoals bijvoorbeeld ASR Real Estate, dat een aantal grote landgoederen heeft. Daarnaast heb ik regelmatig een uitstap buiten mijn regio naar Drenthe waar ik contactpersoon ben voor de Maatschappij van Weldadigheid.

Wat is je favoriete bos of landgoed?

ASR Real Estate heeft in 2018 Landgoed Junne gekocht. Een van de grootste landgoederen uit de regio, het oogt nog een beetje idyllisch, een karakteristiek Sallands dorp met daaromheen kleinschalige landbouwgronden, landschapselementen, natuurgronden en een groot aaneengesloten boscomplex. Heel mooi om daar het beheer van bos, natuur en landschap te mogen doen. Het is ook dichtbij ons kantoor en er komen relatief weinig mensen.
Je waant je daar een beetje terug in de tijd. Ook zijn er in mijn regio prachtige kleine landgoederen; kleine verscholen pareltjes. Het kleinste lid van de Bosgroep in Overijssel-West heeft ongeveer 1.5 hectare bos en het grootste 1000 hectare. En dan heb je nog alles er tussenin. Voor de kleinste leden geldt vaak dat ze het leuk vinden om onderdeel te zijn van de coöperatie, al hoeft er niet heel vaak iets op hun terrein te gebeuren.
De leden hebben verschillende redenen om lid te worden, uiteraard ook regelmatig vanwege de SNL-subsidie die wij collectief voor hen verzorgen. Daarnaast hoor ik van heel veel leden dat zij de Bosgroep zien als kennisinstituut van bosbeheer, houtmarkt en plantsoen. Wij kunnen daar op alle manieren onze leden mee ontzorgen en van dienst zijn.
Voor alle leden die een beroep op me doen, maak ik bewuste afwegingen voor de juiste beslissingen voor het bos. En uiteindelijk voor een tevreden eigenaar. Dan ben ik ook tevreden. De Maatschappij van Weldadigheid is een goed voorbeeld. De bijgroei daar is hoog, de houtkwaliteit is hoog, er is een hoge houtvoorraad en er wordt veel CO2 vastgelegd. Het bos is steeds gemengder geworden, we hebben daar echt flinke stappen gezet in 10 jaar tijd.