Krijgt de januaristorm nog een staartje?

Publicatiedatum: 25 april 2018

Een boom die begint af te sterven

De omgevallen bomen in de bossen herinneren nog dagelijks aan de storm van afgelopen 18 januari. Waar mogelijk is er stormhout verkocht en de bomen die blijven liggen zorgen nu voor meer structuur in het bos. Ze maken het bos natuurlijker en kunnen als dood hout hun waardevolle nutriënten teruggeven aan de bosbodem. Zo helpen ze dus ook bij het verhogen van de biodiversiteit. Maar er is nog een ándere kant aan het verhaal. Daar waar de aandacht in eerste instantie uitging naar de fysieke, zichtbare schade, moeten we nu vooral alert zijn op stormschade die niet direct te zien is.

Aandacht voor onzichtbare vervolgschade

Een deel van de bomen kan stormschade hebben opgelopen die niet direct waarneembaar is. Ook wel vervolgschade genoemd. In de groeiperiode gaan de sappen in de boom weer volop stromen. Dat is het moment dat de beschadigde boom het moeilijk kan krijgen. Plaaginsecten en schimmels zijn in deze periode ook weer volop actief en kunnen deze minder vitale bomen aantasten. De vervolgschade is in het begin alleen subtiel zichtbaar. Vandaar onze oproep om alert te zijn. Dit is namelijk hét moment om te bekijken wat die signalen kunnen betekenen en wat we daar eventueel mee moeten.

Welke schade is dat en hoe kun je dat zien?

De onzichtbare vervolgschade zit vaak in het wortelstelsel van de boom of in de bast die de boom moet beschermen tegen allerlei invloeden. De mate waarin een beschadigde boom last zal ondervinden is sterk afhankelijk van het weer en de aanwezigheid van plaaginsecten (zoals de letterzetter) en schimmels.

De letterzetter heeft zich onder de bast genesteld

Schade aan het wortelstelsel

Bij droogte kan een beschadigd wortelstelsel niet genoeg vocht opnemen. De sappen kunnen dan onvoldoende stromen waardoor de boom het zwaar krijgt en verdroogt. Bij loofbomen is de schade aan het wortelstelsel terug te zien in de kleinere bladen die de boom in de lente aanmaakt. Op die manier verdampt er minder vocht. Bij naaldbomen uit zich dat in het loslaten van een deel van de naalden waardoor er minder naaldjaargangen zijn. De beschadigde bomen zullen zelf investeren in nieuwe haarwortels en de tijd zal leren of de boom voldoende kan herstellen.

Schade aan de bast of grote takwonden

Een beschadigde bast of wonden door forse takbreuk vormen ook een risico. Zeker in combinatie met een verminderde vitaliteit van de boom door schade aan de wortels. De sapstroom is dan niet zo sterk als normaal waardoor de boom niet genoeg kan harsen en zichzelf dus minder goed kan beschermen tegen borende insecten. Hierdoor krijgen plaaginsecten en schimmels vrij spel om zich onder de beschadigde bast en daarmee in de boom te vestigen. Het is dus belangrijk om in het komende groeiseizoen te letten op welke bomen het moeilijk hebben.

Is ingrijpen nodig én mogelijk?

De beschadigde bomen zijn vatbaarder voor bovengenoemde problemen, maar het wil zeker niet zeggen dat ze het niet overleven. De komende tijd zal uitwijzen welke bomen toch schade hebben en in hoeverre ze verzwakt zijn. Ingrijpen is vaak niet nodig, maar alert blijven wel. Zeker bij kwetsbare opstanden en bossen met een productiedoel. Er zijn hier mogelijk opstanden waar schade op termijn voor een dusdanige uitval gaat zorgen dat de oogstplannen moeten worden aangepast. Soms is een vervroegde velling noodzakelijk om de productiedoelstelling voor de lange termijn te behouden.

Forse harsvloei

Wat kunt u nu doen?

Het bewustzijn dat een storm van dit kaliber een staartje kan krijgen is stap 1.
De (gezondheids-)toestand van uw opstand volgen is stap 2. Zo is het mogelijk om eventuele vervolgschade tijdig te signaleren en te bepalen wat de beste strategie is om de schade waar mogelijk tot een minimum te beperken.

Wat is er zoal omgewaaid?

De storm heeft ons landelijk de volgende schadebeelden laten zien:

  • Bomen op natte gronden, zoals fijnspar op rabatten (individuele bomen en ook grotere delen van percelen)
  • Vrijstaande hogere bomen zijn met wortel en al omgewaaid (individuele toekomstbomen, meestal naaldhout)
  • Bomen met zwakke plekken (rot, inlopend water) bleken vaak geknakt.
  • In loofhout, met name beuken, zagen we takscheuren en breuk.
  • Jonge monoculturen (meer grootschalige windworp van fijnspar en grove den)

Tegenwoordig zet het bosbeheer in op meer structuur, variatie en natuurlijke verjonging. We zijn benieuwd of we daardoor in de toekomst minder gevolgen van dergelijke stormen gaan zien voor boom en bos.

Klimaatveranderingen

De verwachting is overigens dat we door de klimaatveranderingen vaker te maken zullen krijgen met dit soort extreme weersverschijnselen. Van een verwoestende storm tot een hagelbui die een ravage achterlaat. Een ontwikkeling die eveneens pleit voor een vorm van bosbeheer waarmee we het bos weerbaar en robuuster maken.

Heeft u nog vragen of behoefte aan advies?

Heeft u na het lezen van dit stuk nog vragen, of heeft u behoefte aan een advies over de situatie in uw bos? Neem dan gerust contact met ons op. We zijn bereikbaar via tel. nr. 0318-67 26 26.

labels: ,

gerelateerd